Oordeel van het verantwoordingsorgaan
Oordeel van het verantwoordingsorgaan
Algemeen
De verantwoordings- en medezeggenschapsfuncties zijn ondergebracht bij het VO (verantwoordingsorgaan).
Wij hebben de taak om een oordeel te geven over het handelen van het bestuur aan de hand van het jaarverslag, de jaarrekening en andere informatie, waaronder de bevindingen van de raad van toezicht, over het door het bestuur uitgevoerde beleid, evenals over beleidskeuzes voor de toekomst.
Het bestuur legt jaarlijks aan het verantwoordingsorgaan verantwoording af over het beleid en over de wijze waarop dat is uitgevoerd. Daarnaast stelt het bestuur ons in de gelegenheid om onze wettelijke bevoegdheid uit te oefenen om advies uit te brengen over een specifiek aantal zaken.
Het verantwoordingsorgaan bestaat uit vijf leden: twee vertegenwoordigers van de werknemers, twee namens de werkgevers en één namens de pensioengerechtigden.
Het jaar 2025
Onze samenstelling
Per 1 november 2025 legde Willem Verhaar, na het verstrijken van de eerste zittingstermijn van vier jaar, zijn lidmaatschap van het VO neer. We zijn Willem dankbaar voor zijn inzet voor het verantwoordingsorgaan, waarvan in de laatste periode als voorzitter. Helen Richardson nam de voorzittershamer van Willem over en Gerard den Hertog is plaatsvervangend voorzitter geworden.
Inmiddels heeft het bestuur per 15 januari 2026, op voordracht van CNV, John Reuvekamp benoemd als nieuw lid van het VO namens de pensioengerechtigden. Wij zijn blij met de komst van John.
Onze bijeenkomsten
In 2025 hebben wij vier keer regulier vergaderd, waarbij, telkens in steeds wisselende samenstellingen, een delegatie van het bestuur en ook een keer een lid van de raad van toezicht als toehoorder aanwezig was.
Voorafgaand en aansluitend aan onze reguliere vergaderingen vonden telkens vooroverleggen en nabeschouwingen van het verantwoordingorgaan in eigen kring plaats. Daarnaast woonden sommige VO-leden bij toerbeurt als toehoorder enkele vergaderingen van de raad van toezicht bij.
Naast de reguliere vergaderingen hebben er twee overleggen met de raad van toezicht plaatsgevonden, en voor de eerste keer ook een benen-op-tafelsessie met de RvT. Daarnaast vonden twee gezamenlijke vergaderingen plaats met het bestuur en de raad van toezicht in het kader van het jaarwerk en over de evenwichtigheid van de totale transitie naar de nieuwe pensioenregeling.
Ook in 2025 hebben we veel tijd besteed aan de Wtp (zie hierna onder ‘Het VO en de Wet toekomst pensioenen’).
Wij hadden vijf beeldvormende en oordeelsvormende bijeenkomsten (werksessies) ter voorbereiding op onze adviezen uit hoofde van de Wtp.
In februari 2025 hebben we samen met het bestuur en delegaties van de raad van toezicht en het bestuursbureau een werkbezoek gebracht aan Achmea IM. In september 2025 vond een gezamenlijk werkbezoek plaats aan een distributiecentrum van Albert Heijn en het, op dat moment, grootste laadplein voor elektrische vrachtauto’s van Europa. Beide dagen hebben we als nuttig en aangenaam ervaren.
Begin januari 2026 vond de jaarlijkse collectieve zelfevaluatie van het verantwoordingsorgaan plaats. Deze hebben we in eigen kring uitgevoerd, onder begeleiding van onze voorzitter, Helen Richardson. Alle leden van het verantwoordingsorgaan hebben deze zelfevaluatie niet alleen als nuttig, maar ook als zeer prettig ervaren. Het verslag en de uitkomsten hebben we, zoals gebruikelijk, gedeeld met het bestuur en de raad van toezicht.
Het VO en de Wet toekomst pensioenen
Al vanaf 2021 worden wij door het bestuur nauw betrokken bij de voortgang van het project ‘Wet toekomst pensioenen’ (Wtp) en krijgen we elke vergadering een update van de stand van zaken, zowel inhoudelijk als procesmatig. Het bestuur neemt het VO voortdurend mee, gevraagd en ongevraagd.
Het VO realiseert zich dat de overstap op het nieuwe pensioenstelsel een eenmalige en ongekende stap is voor de gehele pensioensector en zo ook voor Pensioenfonds Vervoer. Wij hechten daarom zeer aan zorgvuldigheid en waarderen de beheerste procesinrichting door het bestuur. Het VO draagt hieraan zo veel mogelijk bij door het bevragen van het bestuur en de raad van toezicht en het uitbrengen van de adviezen. Het VO tracht daar steeds de aanleiding voor het nieuwe stelsel in het achterhoofd te houden en zich te richten op de belangen van de (gewezen) deelnemers, pensioengerechtigden en werkgevers.
Het jaar 2025 stond bij Pensioenfonds Vervoer in het teken van het implementatieplan, in het bijzonder de evenwichtigheid van de totale transitie. Door middel van gefaseerde besluitvorming van het bestuur kreeg het implementatieplan steeds verder vorm. Sinds 2023 heeft het verantwoordingsorgaan een eigen externe adviseur die ons ondersteunt bij onze adviezen in het kader van de Wtp. Met deze adviseur zijn wij in 2025, telkens door middel van het doorlopen van een beeld-, oordeels- en besluitvormingscyclus, gekomen tot ons onvoorwaardelijk advies over de evenwichtigheid van de totale transitie en onze toetsing van de opdrachtaanvaarding. Onze voorbereiding in beeldvormende, oordeelsvormende en besluitvormende werksessies vinden wij zeer prettig. Het stelt ons in staat de materie goed te doorgronden, vragen te stellen en ons advies zorgvuldig te formuleren.
Het VO ziet dat het bestuur ook nauwlettend de voorbereidingen van TKP en Achmea IM voor de overstap op het nieuwe stelsel volgt en dat het bestuur hier bovenop zit. Verheugd is het VO met het feit dat begin 2026 de cao-partijen van de drie verplichtgestelde sectoren hebben besloten om een nieuwe definitie van het pensioengevend loon te gaan hanteren. Dit levert niet alleen voordelen op voor werknemers en werkgevers, maar zal ook flink bijdrage aan een foutloze uitvoering van de pensioenregeling door het pensioenfonds. Na de overstap op het nieuwe pensioenstelsel, wordt nu namelijk de aansluiting op een authentieke bron voor de loongegevens, de Loonaangifteketen, mogelijk. Het bestuur heeft voor dit besluit van cao-partijen naar mening van het VO goed de regie trachten te voeren en cao-partijen zoveel mogelijk ondersteund met informatie om hun besluitvorming mogelijk te maken.
Ook complimenteert het VO het bestuur met het feit dat de AFM al na zes weken liet weten te hebben geconstateerd dat het communicatieplan voldoet aan de wettelijke eisen.
Uit hoofde van de Wtp hebben wij in 2025 het volgende advies en het volgende oordeel uitgebracht aan het bestuur:
Evenwichtigheid van de totale transitie in zijn geheel
Het (unanieme) advies van het verantwoordingsorgaan over het bestuursbesluit ten aanzien van de gewijzigde onderdelen in het Wtp verantwoordingsdocument ten opzichte van de eerdere deelbesluiten en de evenwichtigheid van de totale transitie is positief.
Wij onderschrijven op basis van de gewijzigde onderdelen in het Wtp-verantwoordingsdocument de conclusie van het bestuur dat de effecten van de voorgenomen transitie van de huidige naar de nieuwe pensioenregeling als geheel en de voorgenomen wijzigingen ten aanzien van het pensioen als geheel niet tot een onevenwichtig nadeel leiden voor deelnemers, gewezen deelnemers, andere aanspraakgerechtigden en pensioengerechtigden.
Daarnaast onderschrijft het verantwoordingsorgaan de vaststelling van het bestuur dat de bij het pensioenfonds betrokken deelnemers, gewezen deelnemers, andere aanspraakgerechtigden, de pensioengerechtigden en de werkgevers zich in het kader van de transitie op evenwichtige wijze vertegenwoordigd kunnen voelen.
De voorbehouden uit onze verstrekte voorlopige (deel)adviezen ten aanzien van invaren, compensatie, solidariteitsreserve en de evenwichtigheid van de totale transitie in zijn geheel komen hiermee te vervallen. Deze (deel)adviezen zijn definitief geworden.
Toetsing opdrachtaanvaarding
Het VO heeft vastgesteld dat het bestuur in de concept opdrachtaanvaarding de opdracht van cao-partijen tot uitvoering van de nieuwe pensioenregeling en het invaarverzoek heeft getoetst aan het wettelijke kader bestaande uit vier aspecten. Het VO heeft op zijn beurt bekeken of in de opdrachtaanvaarding de uitkomsten van deze toetsing voldoende zijn onderbouwd en aangetoond. Hierbij heeft het VO zich niet beperkt tot de toetsing aan het eerste wettelijke aspect, maar alle vier aspecten beschouwd.
Het VO stelt vast dat uit de concept opdrachtaanvaarding blijkt dat het bestuur de opdracht zoals opgenomen in het transitieplan van cao-partijen aan de vier wettelijke aspecten heeft getoetst.
Het VO oordeelt dat het bestuur voldoende heeft onderbouwd en aangetoond dat de opdracht van cao-partijen kan worden aanvaard na de verrichte toetsing.
Overige in 2025 uitgebrachte adviezen
Voorts adviseerden wij in 2025 het bestuur in positieve zin over:
- de communicatiestrategie 2025-2027.
- het verhogen van de opslag voor premievrije deelname bij arbeidsongeschiktheid en de verhoging van de premie voor het arbeidsongeschiktheidspensioen.
- het verhogen van de voorziening voor het opgebouwde wezenpensioen en verlaging van de risicopremie voor het nog niet opgebouwde wezenpensioen.
CWO Pensioenfonds Rijn- en Binnenvaart
In 2024 brachten wij al ons voorwaardelijk advies aan het bestuur uit over de voorgenomen CWO van Pensioenfonds Rijn- en Binnenvaart naar Pensioenfonds Vervoer. Het bestuur heeft ons in 2025 goed op de hoogte gehouden over de voorbereiding van deze overdracht. Dit heeft geleid tot onze constatering dat de voorwaarden die we aan ons advies hadden verbonden (zoals het doorlopen van het Kader Datakwaliteit en dat het reeds aanwezige collectief van Pensioenfonds Vervoer geen nadelen ondervindt) waren vervuld. Op 1 december 2025 heeft de CWO daadwerkelijk plaatsgevonden.
Verhoging pensioenen per 1 januari 2026
Het verantwoordingsorgaan van Pensioenfonds Vervoer heeft geen bovenwettelijk adviesrecht ten aanzien van een bestuursbesluit om de pensioenen te verhogen of te verlagen. Het bestuur heeft ons desalniettemin, tussentijds en na afloop, goed meegenomen in het besluitvormingsproces en de overwegingen om de pensioenen per 1 januari 2026 te verhogen met 4,12 %. Het bestuur heeft naar mening van het verantwoordingsorgaan in de besluitvorming voldoende stilgestaan bij de evenwichtige belangenafweging.
Onderwerpen in onze vergaderingen in 2025
Tijdens iedere vergadering van het verantwoordingsorgaan besteedden we regulier aandacht aan de notulen van de bestuursvergaderingen van de afgelopen periode, de actiepunten- en besluitenlijst van het bestuur en de voortgang van de jaarkalenders en van de werkgroepen.
Naast de ‘reguliere’ en de eerdergenoemde onderwerpen, hebben we onder meer de volgende onderwerpen met het bestuur besproken:
- Toekomstvisie en strategie 2025 – 2030
- Gewijzigde risicohouding
- Concept implementatieplan Wtp
- Update communicatieplan Wtp
- Resultaten Deelnemers-, gepensioneerden- en werkgeversonderzoek 2024
- Herstelplan 2025
- Bestuursrechtelijke procedure AFM
- Cyberweerbaarheidsproject DORA en AI Act
- Geopolitieke risico’s
- Communicatie met partners
- Klachtenrapportages
- Integraal risicomanagement rapportage
- Beleid Diversiteit & Inclusie
- Governance handboek
- Nalevingsrapportage Code Pensioenfondsen eind 2025
- Overzicht zetels bestuur en VO andere pensioenfondsen
- Verslag collectieve zelfevaluatie bestuur 2025
- Verslag collectieve zelfevaluatie raad van toezicht 2025
Uitvoeringskosten
Jaarlijks worden de uitvoeringskosten met ons besproken aan de hand van een benchmark met vergelijkbare pensioenfondsen. Op basis van de benchmark 2024 hebben we in 2025 geconstateerd dat Pensioenfonds Vervoer lage pensioenuitvoeringskosten en lage kosten van vermogensbeheer kent. Dit acht het VO positief.
De pensioenuitvoeringskosten waren in 2024 weliswaar gestegen, maar waren in vergelijking met andere grote pensioenfondsen nog steeds laag.
We hebben geconstateerd dat de pensioenuitvoeringskosten van Pensioenfonds Vervoer in 2025 zijn gestegen als gevolg van inflatie en de implementatie van het nieuwe pensioenstelsel. De kosten van vermogensbeheer zijn in 2025 in absolute zin gestegen door keuzes voor vastgoed- en impactbeleggingen. Pensioenfonds Vervoer betaalt geen prestatievergoedingen aan vermogensbeheerders.
Het verantwoordingsorgaan kan zich vinden in de beleidskeuzes van het bestuur die van invloed zijn geweest op de uitvoeringskosten in 2025.
Verantwoording door de raad van toezicht
Op 1 april 2026 heeft de raad van toezicht verantwoording afgelegd aan het VO over zijn taakuitoefening en bevindingen. Wij hebben de bevindingen zoals geformuleerd door de raad van toezicht met de raad besproken. Wij kunnen ons daar in vinden. Wij achten ons ook voldoende door de raad van toezicht geïnformeerd.
Oordeel verantwoordingsorgaan over 2025
Alles overziend zijn wij in het verslagjaar 2025 voldoende geïnformeerd om onze taak naar behoren te kunnen uitoefenen. Het bestuur betrekt het verantwoordingsorgaan proactief en op zeer transparante wijze bij belangrijke ontwikkelingen van het fonds.
Het jaarverslag over 2025 van Pensioenfonds Vervoer geeft naar ons oordeel een correcte weergave van het door het bestuur gevoerde beleid.
Het verantwoordingsorgaan is van oordeel dat het bestuur in 2025 op adequate wijze heeft gehandeld en een consistent beleid heeft gevoerd, waarbij de belangen van alle betrokkenen (deelnemers, gewezen deelnemers, pensioengerechtigden en aangesloten werkgevers) gewogen en geborgd zijn.
Den Haag, 16 april 2026
Het verantwoordingsorgaan van Pensioenfonds Vervoer
Reactie van het bestuur
Het bestuur waardeert het positieve oordeel van de het verantwoordingsorgaan over het functioneren van het bestuur in 2025. We willen de VO-leden graag bedanken voor de grondige wijze waarop zij hun taak hebben uitgeoefend. We realiseren ons dat dit in 2025 veel tijd en inzet van het VO heeft gevraagd, in het bijzonder vanwege het Wtp-project. De waardevolle adviezen die hieruit voortvloeien helpen ons om het fonds verder te versterken.
Den Haag, 16 april 2026
Het bestuur,
Dhr. F. Veltink
Dhr. J. Spaans
Dhr. L.C.A. Scheepens
Mw. J.G.E. van Leeuwen
Dhr. P.A. Stork
Mw. W. Westerborg
Mw. I.V. Hermans
Dhr. E. van Aggele
Mw. E.M.A. van der Weiden
Dhr. B.N. Truijens