Spring naar inhoud

Rapport raad van toezicht

Rapport raad van toezicht

1. Algemeen
Pensioenfonds Vervoer heeft een paritair bestuursmodel en kent een raad van toezicht (hier na te noemen: ‘de RvT’).
De RvT heeft als taak toezicht te houden op het beleid van het bestuur en de algemene gang van zaken in het pensioenfonds. De RvT is ten minste belast met het toezien op adequate risicobeheersing en evenwichtige belangenafweging door het bestuur. De RvT staat het bestuur met raad ter zijde en stelt zich op als gesprekspartner van het bestuur.
De RvT legt verantwoording af over de uitvoering van de taken en de uitoefening van de bevoegdheden aan het verantwoordingsorgaan (hierna te noemen: ‘het VO’), in het jaarverslag en aan de werkgevers (door middel van publicatie van het jaarverslag op de website).
De RvT bestaat uit drie onafhankelijke leden. De leden worden voor een periode van vier jaar benoemd door het bestuur na een bindende voordracht van het VO. Een lid van de RvT kan één keer worden herbenoemd. De RvT benoemt uit zijn midden een voorzitter, een plaatsvervangend voorzitter en secretaris.

De volgende personen maakten in 2024 deel uit van de raad:

  • De heer M.G. (Rino) Jekel, aandachtsgebieden AO & IB en risicomanagement (tevens voorzitter).
  • Mevrouw E.E.H.C. (Lieske) van den Bosch, aandachtsgebieden Relevante wet- en regelgeving, Pensioenregelingen en pensioensoorten, (Pensioen)communicatie, uitbesteding (tevens plaatsvervangend voorzitter).
  • De heer R.J. (Rob) Schreur aandachtsgebieden beleggingsbeleid en vermogensbeheer, balansmanagement, ESG, wet- en regelgeving (i.h.b. FTK) (tevens secretaris).

Alle leden hebben aangegeven naast de andere werkzaamheden die zij vervullen, voldoende tijd beschikbaar te hebben voor het fonds. Zij voldoen aan de VTE-score zoals die voor bestuurders en leden van de RvT voor pensioenfondsen wordt gehanteerd. Alle leden zijn onafhankelijk. Zij zijn geen deelnemer in het fonds en hebben ook geen zakelijke belangen bij het fonds. Hoofd- en nevenfuncties van de leden van de RvT zijn vermeld in het jaarverslag van Pensioenfonds Vervoer.
De fondssecretaris ondersteunt de raad van toezicht.

De hoogte van de vergoeding voor een lid van de RvT bedroeg in 2024 € 20.325 per jaar. De voorzitter van de raad ontving in 2024 een vergoeding van € 28.230 per jaar.

De RvT heeft in 2024 zes keer vergaderd, waarvan viermaal in aanwezigheid van of met (een delegatie van) het bestuur. De raad voerde daarnaast diverse overleggen in eigen kring, onder meer over het toezicht rapport over 2023.
In 2024 vonden regelmatig gesprekken plaats tussen (een delegatie van) de raad met (kandidaat) bestuurdersleden voor beoogde (her-)benoeming. Ook is het gebruikelijk dat de raad een ‘exitgesprek’ voert met een aftredend bestuurslid. Ook in 2024 vond een dergelijk gesprek plaats.
Daarnaast vergaderde de RvT een keer met het VO en nam de RvT deel aan de jaarwerkvergadering. Ook voerde de RvT een regulier overleg met DNB.
De RvT volgde samen met het VO daarnaast in 2024 twee collectieve kennissessies over de uitwerking van het pensioenakkoord. De leden van de RvT en het VO woonden over-en-weer enkele van elkaars vergaderingen bij als toehoorder.
De voorwaardelijke goedkeuringen van de bestuursbesluiten in het kader van de Wtp bereidde de RvT voor in vier werksessies.
In november 2024 heeft de jaarlijkse collectieve zelfevaluatie met behulp van een externe begeleider plaatsgevonden.

2. Werkwijze
De RvT kan vrijelijk beschikken over alle informatie die de raad nodig denkt te hebben om zijn taak goed te kunnen vervullen en heeft vrije toegang tot het bestuur, het VO en de medewerkers van het bestuursbureau.
De RvT volgt via directe toegang tot de bestuursstukken de gang van zaken in het bestuur en de beleidsontwikkeling van het fonds. Als daar aanleiding toe is, nodigt de raad het bestuur of het bestuursbureau uit om nadere toelichting te geven op beleidsvoornemens of genomen besluiten. De RvT ontvangt voorts ieder kwartaal een rapportage, waarin alle belangrijke ontwikkelingen en besluiten betreffende het fonds in het voorgaande kwartaal worden vermeld.
Waar de RvT een specifiek toezichtthema heeft benoemd voor enig jaar, bestudeert de raad de relevante stukken, nodigt het bestuursbureau uit voor een nadere (technische) toelichting op het thema, oriënteert zich zo nodig bij de uitvoerders, woont bestuursvergaderingen bij en gaat met het bestuur het gesprek aan over het thema in de reguliere vergaderingen. De bevindingen over het thema worden zo nodig vastgelegd in het jaarrapport.
De raad vergadert structureel eenmaal per kwartaal en verder zo vaak als nodig. Vergaderingen kunnen zowel een formeel als een informeel karakter hebben. De raad wordt proactief geïnformeerd over belangrijke beleidsbeslissingen van het fonds, ook als die niet de goedkeuring van de raad behoeven. Er zijn nadere afspraken gemaakt met het bestuur over de betrokkenheid van de raad bij belangrijke beleidsbeslissingen. Dat krijgt vorm doordat het bestuur de raad voor specifieke onderwerpen uitnodigt voor overleg en inbreng. Bestuur en raad hanteren daarvoor een gezamenlijke jaaragenda.
De raad ziet hier voor zichzelf in ieder geval een (klankbord)rol ten aanzien van de strategie, de bestuurlijke inrichting en de gedragscultuur.
Minimaal tweemaal per jaar heeft de RvT overleg met het voltallige bestuur (waaronder bij gelegenheid van de jaarwerkvergadering) en eenmaal met het VO.
De RvT heeft daarnaast minimaal ieder kwartaal overleg met een (wisselende) delegatie van het bestuur en verder zo vaak als nodig, i.c. wanneer actuele onderwerpen daar aanleiding toe geven. Na afloop van het jaar stelt de RvT, na toelichting aan het bestuur, de toezichtthema’s voor het volgende jaar vast.
Leden van de RvT wonen periodiek een bestuursvergadering bij als toehoorder.
Daarnaast voert de RvT jaarlijks overleg met de externe accountant, de certificerend actuaris en de sleutelfunctiehouder interne audit.  De RvT spreekt met medewerkers van het bestuursbureau en met de sleutelfunctiehouder risicobeheer zo vaak als dat aangewezen en/of logisch is vanuit de toezichtthema’s. Periodiek bezoekt de RvT de integraal vermogensbeheerder (Achmea IM) en de uitvoeringsorganisatie (TKP).

Toezichtkader
De RvT werkt binnen en volgens het wettelijk kader, de Code Pensioenfondsen, de statuten en reglementen van het fonds. Op 1 januari 2024 is de Code Pensioenfondsen 2024 in werking getreden. Hoofdstuk 5 van deze rapportage van de RvT is gestructureerd aan de hand van de thema’s van de Code Pensioenfondsen 2024:
1. Goed zorgen voor het pensioen van belanghebbenden
2. Goed besturen
3. Effectief intern toezichthouden en controle uitoefenen
4. Verantwoording en inspraak organiseren
5. Effectief functioneren van fondsorganen. 

De RvT hanteert een moreel kompas, is autonoom in zijn handelen en in zijn taakopvatting, is onafhankelijk, professioneel-kritisch en bepaalt daarbij de diepgang en mate van volharding die nodig zijn voor adequaat toezicht en is ‘op afstand betrokken’.
Een goede governance impliceert een goed functionerend bestuur en een goed intern toezicht. De RvT doet zijn werk vanuit het besef dat dit inhoudt dat alle betrokkenen binnen het fonds elkaars onderscheiden taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden respecteren en zich daar ook naar gedragen. In de cyclus van intern toezicht vormt de RvT zich een oordeel over het functioneren van het bestuur en de gang van zaken in het algemeen. Bevindingen en aanbevelingen van de RvT worden gedeeld met het bestuur en gemonitord op een effectieve opvolging. Voor zover deze cyclus op orde is, leidt dat niet tot nadere acties en/of signaleringen buiten de kring van bestuur en RvT. Indien en voor zover het bestuur niet in staat is de oordelen van de RvT voldoende beargumenteerd en/of onderbouwd te weerleggen, zal dat wel tot verdere acties leiden van de RvT.

3. Goedgekeurde besluiten in 2024
De RvT heeft een goedkeuringsrecht voor een aantal specifiek benoemde onderwerpen. In 2024 heeft de RvT de volgende goedkeuringen verleend:

  • Vaststelling van het functieprofiel leden raad van toezicht, gehoord hebbende het positief geformuleerde advies van het verantwoordingsorgaan.
  • Goedkeuring van het bestuursbesluit d.d. 21 maart 2024 tot vaststelling van het functieprofiel bestuurslid Pensioenfonds Vervoer namens werkgevers met als specifieke aandachtsgebieden AO/IC & finance, uitbesteding, pensioenen, communicatie, tevens lid van de Klachtencommissie.
  • Voorwaardelijke goedkeuring van het voorgenomen besluit van het bestuur om op het moment van invaren de solidariteitsreserve initieel te vullen, waar mogelijk, uit het fondsvermogen met minimaal 2% en bij voorkeur met 5% uit het fondsvermogen, conform het financieringsschema zoals vastgelegd in hoofdstuk 9 van het transitieplan, onder de voorwaarde dat de raad van toezicht in een later stadium een positief oordeel kan geven over de besluitvorming en evenwichtige belangenafweging door het bestuur over de gehele transitie. Het voorlopige oordeel van de raad van toezicht is dat het bestuur alle betrokken belangen bij het besluit over de solidariteitsreserve evenwichtig heeft afgewogen.
  • Vaststelling dat mevrouw Van der Weiden voldoet aan het functieprofiel ‘bestuurslid namens pensioengerechtigden, met de aandachtsgebieden communicatie en pensioenen, tevens lid van de pensioencommissie individuele zaken’. Geen opmerkingen over de gevolgde procedure.
  • Goedkeuring van het besluit van het bestuur tot vaststelling van het bestuursverslag en de jaarrekening over 2023.
  • Vaststelling dat mevrouw I.V. Hermans voldoet aan het functieprofiel ‘bestuurslid namens werkgevers, met de aandachtsgebieden AO/IC & Finance, uitbesteding, communicatie en pensioenen, tevens lid van de klachtencommissie’.  Geen opmerkingen over de gevolgde procedure van herbenoeming.
  • Goedkeuring van het bestuursbesluit d.d. 27 juni 2024 tot vaststelling van het functieprofiel onafhankelijk bestuurslid met als specifieke aandachtsgebieden vermogensbeheer & risicomanagement, IT en AO/IC & finance.
  • Goedkeuring van het bestuursbesluit d.d. 27 juni 2024 tot vaststelling van het functieprofiel onafhankelijk bestuurslid met als specifieke aandachtsgebieden vermogensbeheer & risicomanagement en ESG.
  • Vaststelling dat mevrouw W. Westerborg voldoet aan het functieprofiel ‘onafhankelijk bestuurslid met als specifieke aandachtsgebieden vermogensbeheer & risicomanagement, IT en AO/IC & finance’.
  • Vaststelling dat de heer P. Stork voldoet aan het functieprofiel ‘functieprofiel onafhankelijk bestuurslid met als specifieke aandachtsgebieden vermogensbeheer & risicomanagement en ESG’.
  • Goedkeuring van het bestuursbesluit d.d. 26 september 2024 tot de toekenning van de eenmalige additionele (Wtp-)vergoeding aan de voorzitter van € 5.203 en aan de overige leden van het VO van € 4.336 per lid goed.
  • Goedkeuring van het bestuursbesluit d.d. 10 oktober 2024 tot vaststelling van het functieprofiel ‘bestuurslid namens werknemers met als specifieke aandachtsgebieden Informatietechnologie (IT), ESG, vermogensbeheer & risicomanagement en AO/IC & finance’.
  • Voorwaardelijke goedkeuring van het bestuursbesluit van 28 november 2024 tot aanvaarding van de collectieve waardeoverdracht (CWO) door Pensioenfonds Rijn- en Binnenvaart van alle bestaande pensioenaanspraken en -rechten op 1 oktober 2025, zulks onder de volgende voorwaarden van:
    1.   het doorlopen van het Kader Datakwaliteit door Bpf Rijn- en Binnenvaart inclusief een AUP, en
    2.   de uitvoering van de CWO conform het beleid zoals opgenomen in de Abtn van Pensioenfonds Vervoer, zonder het toestaan van uitzonderingen , en
    3.   de constatering dat het reeds aanwezige collectief van Pensioenfonds Vervoer geen nadelen ondervindt, en
    4.   overeenstemming met Bpf Rijn- en Binnenvaart over de te sluiten overeenkomst van overdracht en vrijwaring, en
    5.   goedkeuring door DNB.
  • De raad van toezicht deelde de constatering van het bestuur
    a.  dat de effecten van de voorgenomen transitie naar de nieuwe pensioenregeling als geheel en de voorgenomen wijzigingen ten aanzien van het pensioen als geheel niet tot onevenwichtig nadeel leiden voor deelnemers, gewezen deelnemers, andere aanspraakgerechtigden of pensioengerechtigden, en
    b.  dat de bij het pensioenfonds betrokken deelnemers, gewezen deelnemers, andere aanspraakgerechtigden, de pensioengerechtigden en de werkgevers zich door de transitie op evenwichtige wijze vertegenwoordigd kunnen voelen.
    Hiermee verklaarde de RvT zijn voorlopige goedkeuringen over invaren en compensatie d.d. 13 december 2023 en over de initiële vulling van de solidariteitsreserve d.d. 27 maart 2024 definitief. De onderhavige reactie is nog onder de opschortende voorwaarde dat het definitief ingevulde DNB invaarsjabloon en de invaarmelding (inclusief bijlagen) niet leiden tot andere inzichten. Bij dit laatste kan ook worden gedacht aan gebeurtenissen tijdens de, qua duur nog onbekende periode tussen de nu af te geven goedkeuring en het moment van invaren.

4. Opvolging aanbevelingen uit toezichtrapport 2023
Naar aanleiding van zijn bevindingen over verslagjaar 2023 heeft de RvT in het verslag intern toezicht over 2023 de volgende aanbeveling gedaan, die verband hield met het thema Verantwoordelijkheid nemen:

“Expliciete aandacht houden voor en goede samenwerking (informatie uitwisseling) tussen TKP en Achmea IM in aanloop naar de nieuwe pensioenregeling.”

De RvT stelt vast dat het bestuur deze aanbeveling in 2024 heeft opgevolgd, zoals ook blijkt uit de volgende paragraaf. De RvT zal ook in 2025 aandacht blijven houden voor dit onderwerp. 

5. Bevindingen over verslagjaar 2024

RvT Toezichtthema’s 2024
In 2024 heeft de RvT zich naast zijn reguliere toezichttaak en adviesrol richting bestuur, in het bijzonder gericht op de volgende thema’s:

1.   De voorbereiding op het nieuwe pensioencontract
      a. op inhoud, proces en verscherpte aandacht voor de samenwerking tussen TKP en Achmea IM;
      b. behoud, en waar mogelijk verdere verbetering, van de kwaliteit van de dagelijkse pensioenuitvoering (‘going concern’);
      c. toetsing op hoofdlijnen door RvT van het ingevulde DNB invaarsjabloon.
2.  MVB/ESG;
3.  IT en informatiebeveiliging

De observaties ten aanzien van deze toezichtthema’s zijn in deze paragraaf opgenomen.

Het toezicht van de RvT: proces en inhoud
De RvT beoordeelt bij de invulling van zijn toezichttaak zowel de procesgang – juiste governance, betrokkenheid van fondsgremia, evenwichtige belangenafweging, opinies van de sleutelfuncties etc. – als de inhoudelijke aspecten.

De RvT heeft toegang tot de stukken van de bestuursvergadering tegelijkertijd met het bestuur, waardoor de RvT tijdig en transparant inzicht krijgt in de context van een onderwerp, zonder dat dit afbreuk doet aan de taken en verantwoordelijkheden van ieder afzonderlijk gremium (‘rolvastheid’). Alle relevante onderliggende documenten worden bij een agendapunt gevoegd, waarbij in de voorbladen de belangrijkste overwegingen, het te nemen besluit en het vervolgtraject kort en bondig zijn beschreven, c.q. teruggebracht tot de essentie. 

De voorbereidingen op het nieuwe pensioenstelsel
Ook in 2024 heeft het bestuur de RvT van de ontwikkelingen goed op de hoogte gehouden. Het nieuwe pensioenstelsel is een vast onderwerp op de agenda van de vergaderingen.
Het bestuur besloot in september 2024 om de initieel beoogde transitiedatum van 1 juli 2025 los te laten, met name omdat het aantal opleveringen van processen van TKP te veel achter bleef bij de planning. Ook waren cao-partijen nog met elkaar in overleg over een nieuwe definitie van het pensioengevend loon. De raad meent dat het bestuur dit besluit weloverwogen heeft genomen en onderstreept het uitgangspunt van het bestuur dat zorgvuldigheid boven snelheid gaat. Dit laat onverlet dat het bestuur bij het realiseren van de planningen (tijdigheid) blijft benadrukken en monitoren.
Door middel van gefaseerde besluitvorming kreeg het concept-implementatieplan in 2024 steeds verder vorm. Het VO en de RvT zijn in 2024 op verschillende momenten om advies respectievelijk goedkeuring gevraagd door het bestuur ten aanzien van enkele bestuursbesluiten met het oog op de transitie, zoals de initiële vulling van de solidariteitsreserve en de evenwichtigheid van de transitie als geheel.
Ook vond tweemaal overleg plaats over de risicohouding van het bestuur met de fondsorganen, waarna het bestuur verdere stappen kon zetten om te komen tot een nieuw beleggingsbeleid. Op 24 oktober 2024 heeft DNB het fonds schriftelijk bevestigd - vooruitlopend op de invaarmelding - geen opmerkingen ten aanzien van de borging en zekerstelling van de datakwaliteit vóór invaren te hebben. Daarmee is de aanpak voor de datakwaliteit goedgekeurd.
De raad van toezicht constateert dat het bestuur in 2024 zorgvuldige stappen heeft gezet voor een beheerste overstap op de nieuwe pensioenregeling. 

5.1 Thema 1: Goed zorgen voor het pensioen van belanghebbenden

Aandacht voor missie en strategie
Het bestuur heeft in 2024 een nieuw strategisch plan voor 2025-2030 ontwikkeld. De RvT is door het bestuur doorlopend meegenomen bij de totstandkoming daarvan. De missie en visie van Pensioenfonds Vervoer zijn onveranderd gebleven. De waarden die het fonds meeweegt in de besluitvorming en bij dilemma’s zijn door het bestuur opnieuw doorleefd en geactualiseerd.
De missie, visie en de waarden vormden de basis voor de nieuwe strategie. Daarnaast heeft het bestuur nader onderzoek gedaan naar de voorkeuren van de belanghebbenden van het fonds en deze meegenomen in de nieuwe strategie.
De raad van toezicht constateert dat het bestuur op gedegen wijze een robuust nieuw strategisch plan heeft ontwikkeld waarin de belangen van de belanghebbenden van het fonds centraal staan. 

Kennen van de voorkeuren van belanghebbenden
Met het oog op de nieuw te ontwikkelen strategie heeft het bestuur in 2024 de jaarlijkse enquêtes uitgebreid met meerdere doelgroepen en zijn er andersoortige vragen toegevoegd. De respons was een bron voor het bespreken en vaststellen van de nieuwe strategie en, bijvoorbeeld ten aanzien van het onderwerp ‘MVB’, ook het beleggingsbeleid.
De raad stelt vast dat het bestuur de vaststelling en uitvoering van het beleid doorlopend oog heeft voor de voorkeuren van belanghebbenden en vindt deze uitgebreide enquête een goede toevoeging daarop. De RvT heeft daarnaast begrepen dat de volgende stap een bestuurlijke werkgroep is die zich buigt over de aanpak en opzet van een meer structurele dialoog met de deelnemers, waarmee dit in de toekomst geborgd blijft. 

Belangen evenwichtig afwegen
Het jaar 2024 stond in het teken van diverse deelbesluiten in het kader van de Wtp, waarbij de evenwichtige belangenafweging door het bestuur centraal stond, zoals de inrichting en vulling van de solidariteitsreserve , het overbruggingsplan en de evenwichtigheid van de totale transitie. Het bestuur heeft de RvT steeds adequaat inzicht verschaft in de wijze waarop de evenwichtige belangenafweging heeft plaatsgevonden.
Eind 2024 heeft Pensioenfonds Vervoer – met inachtneming van een evenwichtige belangenafweging en met gebruikmaking van het transitie-FTK en op basis van het overbruggingsplan – besloten om per 1 januari 2025 een indexatie toe te kennen van 0,4%.
De RvT heeft geen goedkeuringsrecht ten aanzien van een bestuursbesluit om de pensioenen te indexeren. De RvT acht zich evenwel goed door het bestuur op de hoogte gehouden van het besluitvormingsproces en de relevante overwegingen. De RvT is van mening dat het totale proces, met inbegrip van de communicatie richting de deelnemers en de betrokkenheid van de sleutelfuncties, zorgvuldig is doorlopen. Dit alles met inachtneming van de evenwichtige belangenafweging en op basis van de vigerende wetgeving.
De dekkingsgraad is eind 2024, na verwerking van deze indexatie, uitgekomen op 111,3% ten opzichte van 107,6% eind 2023). 

5.2 Thema 2: Goed besturen

Besluiten motiveren en onderbouwen
De raad van toezicht heeft direct toegang tot alle bestuursstukken, die naar mening van de RvT transparant zijn in de overwegingen en de relatie is met de strategische doelstellingen en beleidsuitgangspunten van het fonds. Wanneer het bestuur het VO , de RvT en de sleutelfuncties heeft betrokken in zijn besluitvorming is dat adequaat vastgelegd. 

Integraal risicomanagement bevorderen
De RvT constateert dat bij Pensioenfonds Vervoer sprake is van een cultuur waarin een volwassen risicobewustzijn vanzelfsprekend is. Het risicobeheer met de directe betrokkenheid van de sleutelfuncties risicobeheer en interne audit biedt de RvT vertrouwen. De rapportages, die de RvT eveneens ontvangt, zijn van goede kwaliteit en geven doorgaans weinig aanleiding tot verder onderzoek of maatregelen. Periodiek voert de RvT (zowel in aanwezigheid van (een delegatie van) het bestuur, als in eigen kring) overleg met de sleutelfunctiehouders risicobeheer en interne audit.
Pensioenfonds Vervoer is zich ook bewust van de risico’s rondom ICT en informatiebeveiliging. Eind 2023 is de CTSO op het bestuursbureau gestart. Met een concreet plan geeft het fonds op adequate wijze (verder) invulling aan de beheersing van de risico’s rondom ICT en informatiebeveiliging. Het bestuur neemt de RvT daarbij goed mee. 

Uitbesteding aan TKP en Achmea IM
Het bestuur is verantwoordelijk voor een adequate uitvoering van de pensioenregeling die uitbesteed is aan TKP, en voor het integraal vermogensbeheer dat is ondergebracht bij Achmea IM. Het bestuur en het bestuursbureau zitten ‘boven op de uitvoering’ en weten zowel TKP als Achmea IM met een positief kritische benadering aan te sporen tot optimalisering van de pensioenuitvoering c.q. het vermogensbeheer.
De RvT constateert dat het bestuur de regie voert in de samenwerking tussen TKP en Achmea IM in aanloop naar het nieuwe stelsel. 

5.3 Thema 3: Effectief intern toezichthouden en controle uitvoeren 

Toezichtvisie ontwikkelen
De raad van toezicht hanteert een eigen toezichtkader en heeft dit tot op heden jaarlijks vastgelegd in zijn rapport intern toezicht. De raad beschikte eind 2024 nog niet over een schriftelijke toezichtvisie in een separaat document (conform norm 18 van de Code Pensioenfondsen), waarin deze elementen samenkomen en waarin ook vastgelegd is wat de RvT voor zijn taakuitoefening nodig heeft. Dit onderwerp is in 2024 een belangrijk thema van de raad van toezicht geweest en daarnaast expliciet besproken tijdens de collectieve zelfevaluatie van de RvT.
Mede op basis van de zelfevaluatie is de RvT – in het verlengde van datgene wat de raad al heeft vastgelegd over het normenkader, de rolinvulling en werkwijze – nog doende met het nader uitwerken en op schrift stellen van zijn toezichtvisie. Het thema ‘rolbewust zijn’ heeft in 2024, zij het impliciet, prominent gespeeld in het kader van de overstap naar de Wtp. 

Er zijn gedurende het jaar 2024 formele en informele contacten geweest tussen de fondsorganen. Vergaderingen van de RvT worden bijgewoond door een delegatie van het bestuur en tweemaal per jaar vindt overleg plaats met het voltallig bestuur. Op basis van zowel mondelinge toelichtingen als verstrekte schriftelijke documentatie/informatie, heeft de RvT een goed overall beeld. Bij informele contacten – zoals de benen-op-tafelsessies – kan de RvT invulling geven aan zijn klankbordrol.

5.4 Thema 4: Verantwoording en inspraak organiseren
De rolverdeling tussen de fondsorganen is duidelijk vastgelegd en is een belangrijk uitgangspunt voor het functioneren van de gremia. De onderlinge betrokkenheid wordt vergroot door het feit dat (een delegatie van) het bestuur de vergaderingen van de het VO bijwoont.
Het bestuur legt op transparante wijze verantwoording af aan het VO over het beleid en de beleidskeuzes en maakt daarbij inzichtelijk hoe de verschillende belangen worden afgewogen. Ook geeft het bestuur inzicht in de risico’s van de belanghebbenden op korte en lange termijn.
De RvT constateert dat het verantwoordingsorgaan in staat wordt gesteld om te bewaken of het bestuur de verschillende belangen evenwichtig afweegt.

5.5 Thema 5: Effectief functioneren fondsorganen 

Geschiktheids-, diversiteits- en inclusiebeleid
Pensioenfonds Vervoer beschikt over een diversiteitsbeleid, waarin is vastgelegd dat het bestuur zorgt voor diversiteit binnen haar organen voor wat betreft geschiktheid, complementariteit, diversiteit, afspiegeling van belanghebbenden en continuïteit. In 2024 is het bestuur gestart met de voorbereiding om het diversiteitsbeleid uit te breiden naar een Diversiteits- en Inclusiebeleid. Het doel is om niet alleen de bezetting van de fondsorganen, maar ook de uitvoering van het beleid zó (divers) te organiseren dat de belanghebbenden van Pensioenfonds Vervoer zich gehoord voelen.
De raad constateert dat de leden van de fondsorganen van Pensioenfonds Vervoer een grote mate van diversiteit vertegenwoordigen en inbrengen. Op 31 december 2024 week Pensioenfonds Vervoer af van de Code Pensioenfondsen ten aanzien van diversiteit (leeftijd) binnen het VO (norm 35). De RvT stelt vast, dat ondanks de aandacht die het pensioenfonds hiervoor vraagt, het voor de voordragende organisaties lastig is om bij een vacature in het VO een kandidaat te werven die jonger is dan 40 jaar.
Tot slot juicht de RvT toe dat het bestuur een stageplaats aangeboden aan een deelnemer van de PensioenLab Academie van de editie 2024/2025. Daarmee draagt Pensioenfonds Vervoer bij aan het bevorderen van de opleiding en instroom van jonge(re) bestuursleden in de sector. 

(Her-)benoemingen
De RvT heeft zich in 2024 gebogen over één nieuwe benoeming en twee herbenoemingen in het bestuur. De RvT heeft de wettelijke goedkeuringsbevoegdheden ten aanzien van de vaststelling van de profielschetsen voor de (her-)benoemingen toegepast. Voorafgaand aan formele voordracht van de kandidaat voor de eerste benoeming heeft een informeel kennismakingsgesprek plaats gevonden met een delegatie van de RvT.
Met elk bestuurslid dat voor (her-)benoeming in aanmerking kwam heeft de RvT, ter uitvoering van zijn statutaire toetsingsverplichting, een gesprek gevoerd om daarna vast te stellen dat aan de profielschets werd voldaan.
De RvT stelt met tevredenheid vast dat aan de feitelijke opvolging van bestuursleden een zorgvuldig traject voorafgaat. Het eerder beschreven uitgebreide traject van inwerken en toehoren vergemakkelijkt de start als nieuw bestuurslid. Ook voert de RvT standaard ‘exitgesprekken’ met bestuursleden die aftreden en deelt waar nodig zijn bevindingen. 

Beheerst en duurzaam beloningsbeleid
Pensioenfonds Vervoer beschikt over een beheerst en duurzaam beloningsbeleid voor de beloning van de leden van de organen van het pensioenfonds, dat op de website van het fonds openbaar is gemaakt. De beloningen staan in redelijke verhouding tot verantwoordelijkheid, functie-eisen en tijdsbeslag.
In 2024 besloot het bestuur tot de toekenning van een eenmalige additionele (Wtp-)vergoeding aan de voorzitter en leden van het VO, vanwege het extra tijdsbeslag dat van het VO werd gevraagd voor de adviezen op grond van de Wtp. Het VO zag af van zijn adviesrecht ten aanzien de wijziging van het beloningsbeleid, aangezien het de eigen beloning betrof. De RvT heeft vastgesteld dat een zorgvuldig proces is bewandeld.

Gewenst gedrag, cultuur, integriteit
Pensioenfonds Vervoer beschikt over een Gedragscode, waarin de gewenste cultuur is vastgelegd. Alle verbonden personen ondertekenen deze Gedragscode en verklaren daarmee dat ze integer handelen.
De externe compliance officer monitort periodiek of alle verbonden personen zich houden aan de gedragscode van het fonds. De RvT ontvangt de voortgangsrapportages die de externe compliance officer oplevert aan het bestuur.
De RvT stelt vast dat het Pensioenfonds Vervoer ten aanzien van gewenst gedrag, cultuur en integriteit voldoet aan de gestelde eisen en normen. Integer handelen levert geen issues op en de RvT stelt vast dat het bestuur hier voldoende aandacht voor heeft. 

Zelfevaluaties fondsorganen
De collectieve zelfevaluatie van de RvT vond plaats in november 2024 met behulp van een externe gespecialiseerde begeleider. De RvT heeft het verslag van de collectieve zelfevaluatie gedeeld met het VO en het bestuur.
De RvT heeft vastgesteld dat het bestuur en het VO in 2024 een collectieve zelfevaluatie hebben uitgevoerd. Elk orgaan deelt (een samenvatting van) de uitkomsten van de eigen zelfevaluatie met de andere fondsorganen. Deze onderlinge uitwisseling draagt bij aan de nagestreefde optimale transparantie. Op die wijze ontstaat er zicht op de aandachts- en zorgpunten van de andere fondsorganen. 

Den Haag, 17 april 2025
Raad van toezicht

Reactie van het bestuur

Het bestuur waardeert de positief-kritische wijze waarop de raad van toezicht is betrokken bij het fonds. Het bestuur kan zich goed vinden in de observaties en zal deze ter harte nemen. Er is gedurende het jaar veel contact geweest en ook in 2025 blijft het bestuur graag met de raad van toezicht in gesprek. 

Goedkeuring door de raad van toezicht

De raad van toezicht heeft over het jaarverslag en de jaarrekening over 2024 overleg gevoerd met het bestuur, het verantwoordingsorgaan, de onafhankelijk accountant en de certificerend actuaris. Vervolgens heeft de raad van toezicht op 17 april 2025 het besluit van het bestuur tot vaststelling van het bestuursverslag en de jaarrekening over 2024, goedgekeurd. De raad van toezicht heeft ten blijke van deze goedkeuring de jaarrekening over 2024 mede ondertekend.